Uitvoeringsverordening GMO ten aanzien van de sector groenten en fruit gewijzigd

Uitvoeringsverordening GMO ten aanzien van de sector groenten en fruit gewijzigd

Omdat de Europese wetgever van mening is dat de landbouw niet kan worden overgelaten aan de grillen van de markt, kennen we in de EU een gemeenschappelijk landbouwbeleid. Onderdeel van dit beleid is de gemeenschappelijke marktordening (GMO). Ten aanzien van de sector groeten en fruit is met ingang van 17 mei 2014 de Uitvoeringsverordening GMO (Vo 543/2011) op enkele onderdelen gewijzigd. De wijzigingen waren noodzakelijk geworden onder andere door de invoering van de nieuwe Integrale GMO-Verordening (Vo 1308/2013) met ingang van 1 januari 2014.

Afzet en uitbesteding
In de sector groente en fruit vervullen erkende producentenorganisaties (PO’s) binnen de GMO een spilfunctie. Zo zijn zij verplicht het aanbod te concentreren en de producten van hun leden af te zetten. De gewijzigde Uitvoeringsverordening GMO maakt nu duidelijk dat onder afzet wordt verstaan het besluit om het product te verkopen, de keuze van het distributiekanaal en, tenzij de verkoop via een veiling verloopt, de onderhandelingen over de hoeveelheden en de prijzen.  Ten einde de lidstaat in staat te stellen de nodige controles te verrichten, dient een PO gedurende vijf jaar alle documenten te bewaren aan de hand waarvan de lidstaat kan nagaan of de PO daadwerkelijk regie over de afzet heeft gehad.

PO’s mogen op grond van de integrale GMO-Verordening onder andere de afzet van de producten van haar leden door middel van een commerciële regeling uitbesteden aan derden. De gewijzigde Uitvoeringsverordening GMO schrijft nu voor dat de commerciële regeling moet zijn vastgelegd in een schriftelijke uitbestedingsovereenkomst. Ondanks de uitbesteding blijft een PO verantwoordelijk voor (i) de uitvoering van de uitbestede activiteit, (ii) de algemene beheerscontrole en (iii) het toezicht op de voor de uitvoering van de activiteit getroffen commerciële regeling.

In het kader van de algemene beheerscontrole moet de uitbestedingsovereenkomst de PO in staat stellen bindende instructies te geven en de overeenkomst te beëindigen indien de dienstverlener de bepalingen en de voorwaarden van de uitbestedingsovereenkomst niet naleeft. De uitbestedingsovereenkomst dient de PO in staat te stellen de uitbestede activiteiten te evalueren en er daadwerkelijk controle op uit te oefenen. Daarom schrijft de gewijzigde Uitvoeringsverordening GMO voor dat in de uitbestedingsovereenkomst ten aanzien van het toezicht gedetailleerde bepalingen en voorwaarden, inclusief rapportageverplichtingen en termijnen zijn opgenomen. De regels met betrekking tot de algemene beheerscontrole en het toezicht op de uitvoering van de uitbestede activiteit vormen overigens de codificatie van het uit 2013 daterende  Fruition-arrest.

Sancties
Op het niet-naleven van de erkenningscriteria door PO’s staan strenge  sancties die in de praktijk ook worden toegepast. Het sanctiestelsel wordt nu fundamenteel gewijzigd. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen belangrijke en minder belangrijke tekortkomingen ten aanzien van de erkenningscriteria. Daarnaast zijn de sancties progressief, dat wil zeggen dat de sancties steeds strenger worden naarmate een PO er niet in slaagt tekortkomingen tijdig te corrigeren.

Belangrijke tekortkomingen
De belangrijkste tekortkomingen worden in de gewijzigde Uitvoeringsverordening GMO benoemd. Het gaat hier onder andere om een gebrekkige regie over de afzet en het niet-vervullen van de belangrijkste functies van een PO. Als een lidstaat een belangrijke tekortkoming constateert, krijgt de PO eerst een schriftelijke aanmaning. Lukt het de PO niet de inbreuk binnen de door de lidstaat gestelde termijn te corrigeren, dan wordt de erkenning geschorst. De schorsingsperiode kan maximaal 12 maanden duren. Lukt het de PO niet de inbreuk binnen de schorsingtermijn te corrigeren, dan wordt de erkenning ingetrokken. Gedurende de tijd dat de PO doende is de inbreuk te corrigeren, wordt er geen GMO-subsidie uitbetaald. Na intrekking van de erkenning bestaat er sowieso geen recht meer op GMO-subsidie. De intrekking van de erkenning werkt overigens terug tot het moment waarop niet langer aan de erkenningscriteria werd voldaan.

Minder belangrijke tekortkomingen
De minder belangrijke tekortkomingen zijn alle inbreuken op de erkenningscriteria die niet als een belangrijke tekortkoming zijn aangemerkt. Deze tekortkomingen zullen overwegend een formeel karakter hebben, zoals het niet hebben van statuten die in overeenstemming zijn met de erkenningscriteria. Als een lidstaat een minder belangrijke tekortkoming constateert, krijgt de PO een schriftelijke aanmaning. Lukt het de PO niet de inbreuk binnen de door de lidstaat gestelde termijn te corrigeren, dan wordt de GMO-subsidie geschorst en wordt het jaarlijkse steunbedrag verlaagd met 1 % voor elke begonnen kalendermaand na het verstrijken die termijn.

Slot
In Nederland is de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de GMO-regels geregeld in de Regeling uitvoering GMO groenten en fruit (Regeling). Deze Regeling is nog gebaseerd op de oude Integrale GMO-Verordening en de Uitvoeringsverordening GMO waarin de in dit artikel besproken wijzigingen nog niet zijn verwerkt. Het is dus te verwachten dat de Staatssecretaris van Economische Zaken de Regeling zal aanpassen. Vooruitlopend hierop doen PO’s er goed aan te controleren of hun afzet en eventuele uitbesteding onder de gewijzigde Europese regels GMO-proof is en niet te wachten totdat de Regeling is aangepast. Het inmiddels beruchte arrest Frankrijk / Commissie uit 2009 laat zien dat PO’s een eigen verantwoordelijkheid hebben bij het naleven van de erkenningscriteria.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Naar boven scrollen